Drieënvijftig jaar kenden Hans en zijn vrouw Ans elkaar. 'In die jaren is er heel wat gebeurd, maar hier wil ik graag wat vertellen over de afgelopen drieënhalf jaar. Een schets van mijn belevenissen met mijn vrouw tijdens haar dementieperiode.'

Laat ik beginnen met een fragment uit een gedicht van Ans:

Jou liefde

mijn liefde

Aller, liefde

mijn liefde

(Het hele gedicht heb ik naar ‘Juweeltjes’ gezonden)

Vijftien dagen voordat Ans werd opgenomen heeft ze dit gedicht geschreven. Op die dag in de ochtend was ik eindelijk zover dat ik me kon wassen en aankleden. Ans was toen in zo’n fase dat ze me niet uit oog wilde verliezen. Op de bovenste trede van de trap kon ze mij zien en ondertussen zat ze te schrijven in een klein blocnootje. We waren al een tijdje beneden toen ik het blocnootje zag en ging lezen.

Ik werd zo diep getroffen door de liefde die door de woorden voelbaar werd, dat ik met tranen in mijn ogen een tijdje voor me uit heb zitten kijken.

Wat ik verder wil vertellen kan ik eigenlijk alleen vertellen aan diegenen die het verhaal al kennen. Want hoe moet je uitleggen hoe wijn smaakt als de ander die niet geproefd heeft?

Ondanks de pijn en het verdriet zijn de afgelopen jaren van ongekende schoonheid geweest. Door de aandoening vervaagde het ego van Ans. Dat had zijn trieste kant, maar ook iets prachtigs. Als het masker valt komt er iets puurs tevoorschijn. En die puurheid heb ik mogen aanschouwen.

Als Ans boos was, dan was er boosheid. Als er machteloosheid naar voren kwam, sprak haar hele lichaam die machteloosheid uit. Maar heel vaak als ik met haar alleen was, straalde er zoveel liefde uit haar ogen dat ik dat nauwelijks kon bevatten. Het was rechtstreeks. Er zat niets tussen. Ik kan niet ontkennen dat de afgelopen jaren zwaar zijn geweest, maar haar puurheid heeft mij veel vreugde gebracht.

Een paar maanden nadat bekend was dat Ans alzheimer had, realiseerde ik me  ineens, dat er mijnerzijds geen conflict meer was met Ans. Of ze nu boos op mij was, of in machteloze woede voor me stond, het raakte me wel in die zin dat ik het erg voor haar vond maar het kwetste mij niet. Dat was geen verdienste van mij. Het gebeurde zomaar zonder dat ik daar een knopje voor had ingedrukt.

En daardoor kwam het, dat hoe verder ze van mij wegdreef hoe dichter ik bij haar kwam. En ondanks dat ze zich nauwelijks kon verwoorden begreep ik haar beter dan ooit daarvoor. Vaak als ik Ans kwam bezoeken dwaalde ze door de gang. Zodra ze mij in het vizier kreeg, kwam ze in draf met gespreide armen en blij op me af en dan omhelsde ze mij.

Zo’n warm welkom was heel ontroerend en maakte mij diep gelukkig.

Zowel voor als na de opname van Ans hebben we ook veel gelachen.  Ans kon onbedoeld  heel  komisch uit de hoek komen. Bij het koffiezetten bijvoorbeeld. Ik wil geen kouwe koffie dus warm ik de kopjes van te voren op. Ik pakte een kopje en ik zei: 'Oh, wat een koud koppie.' Hoor ik Ans in de kamer zeggen: 'Zet je pet op.' Ze kon me soms heel ondeugend aankijken en dan zei ze: 'Schobbejak.'

Al met al wil ik hiermee zeggen dat ik deze jaren voor geen goud had willen missen.

Dank je wel mijn lief.

Reacties:

  1. WoW, wat omschrijft u dit prachtig en het is zo herkenbaar. Mijn moeder is ook dementerend, als ze mijn vader hoort binnenkomen begint ze enorm te stralen. De verpleging geniet er van om dat te zien, het geluk straalt er van af. Ik herken de lange moeilijke weg maar er zijn ook zulke mooie momenten om van te genieten. M’n broer plaagt haar graag en dan zie je haar ondeugende ogen, prachtig.

2 antwoorden op “‘Haar puurheid heeft me veel vreugde gebracht’”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *